correspondent Ties Brock blikt terug

0
7

NOS/ANP

NOS Nieuws

  • Ties Brock

    correspondent Israël/Palestijnse gebieden

  • Ties Brock

    correspondent Israël/Palestijnse gebieden

Het waren voor mij deze maand de vierde Israëlische verkiezingen als correspondent, maar eigenlijk pas de eerste die een duidelijke uitslag opleverden. Een uitslag als een klap of, afhankelijk van je politieke voorkeur, een geschenk uit de hemel: eindelijk had het zeer rechtse blok van Benjamin Netanyahu zijn meerderheid te pakken. Het voelt als een resultaat dat er al enige tijd aan zat te komen.

Want Israël schuift steeds verder op naar rechts. Dat uitte zich nu vooral in de goede score van de partij van Itamar Ben-Gvir, een meermaals veroordeelde extremist. Door zijn spectaculaire verkiezingswinst haalde het rechts-religieuze blok van Netanyahu een meerderheid. Bij optredens van Ben-Gvir had ik al gemerkt hoe populair zijn ultranationalistische partij bij veel Israëliërs is. “We willen dat Joden hier de baas blijven”, vatte een partijlid het sentiment samen.

Het is een sentiment dat na het geweld tussen Arabische en Joodse Israëliërs van vorig jaar meer ruimte krijgt. Maar de verrechtsing heeft ook demografische oorzaken: rechtse Israëliërs, en met name ultraorthodoxe Joden, krijgen gemiddeld veel meer kinderen dan linkse. En wat er aan linkse partijen over is, is hopeloos verdeeld.

Tegenstellingen en trauma’s nooit ver weg

Bovendien is vrede met de Palestijnen, of het gebrek daaraan, al jarenlang geen belangrijk politiek thema meer. Het conflict is voor veel Israëliërs in hun dagelijks leven nauwelijks nog een probleem. Veel mensen om mij heen in Tel Aviv leiden een bestaan dat ver afstaat van geweld. Ze gaan naar hun werk en naar het strand, hebben de levensstandaard de afgelopen jaren zien groeien en de angst voor aanslagen in bussen voelen wegzakken. En als de raketten uit Gaza een keer komen, dan schiet het Iron Dome-luchtafweersyteem de grootste gevaren uit de lucht.

Toch zijn alle tegenstellingen en trauma’s uit het verleden nooit ver weg. Zo ook in mijn eigen wijk in Jaffa bij Tel Aviv, waar ik de afgelopen twee jaar woonde. Ik deed er verslag van een onbenullig maar wel symbolisch gevecht over het kraaien van hanen. Gelukkig leidde het ook tot een reportage waarin buren met verschillende achtergronden aan het eind samen een kop koffie dronken.

De hanen van Jaffa: bron van ergernis of ziel van de stad?

Op andere plekken is het conflict grimmiger, zoals in de Palestijnse stad Jenin op de door Israël bezette Westelijke Jordaanoever, waar ik vorige maand nog was. En met name in het vluchtelingenkamp, waar veel bewoners afstammen van vluchtelingen uit het gebied dat nu Israël is. Een jongen die limonade verkocht aan de kant van de weg vertelde me hoe hij die ochtend getuige was geweest van een militaire inval.

Daar, tien meter verderop, wees hij aan, schoot een Palestijnse militant met een automatisch wapen op passerende Israëlische soldaten en werd vervolgens zelf in zijn hoofd geschoten. Het bloed lag nog op straat. De jongen vertelde me hoe hij het lichaam had weggesleept, het wapen had overgenomen en op de militairen was gaan schieten. Een heftig verhaal, zei ik. Maar hij haalde zijn schouders op: business as usual.

Moedeloosheid

Het is het gevoel van veel Palestijnen: er verandert niets, en zeker niet ten goede. Dat komt in hun ogen uiteraard in de eerste plaats door de Israëlische bezetter, maar de eigen leiders zijn zo mogelijk nog impopulairder. Het gezicht daarvan is Mahmoud Abbas, de 87-jarige president annex dictator die iedere vorm van verjonging tegenhoudt. En ook Hamas, dat in Gaza onwrikbaar aan de macht blijft, regeert met ijzeren vuist en lijkt niet tot matiging van zijn radicaal anti-Israëlische houding bereid. Een eind aan de Israëlische bezetting is al helemaal niet in zicht.

In het gebied Masafer Yatta waar ik deze zomer was, worden bewoners dagelijks met die bezetting geconfronteerd. Honderden Palestijnen dreigen verdreven te worden om plaats te maken voor het Israëlische leger.

Kijken in Masafer Yatta, waar Palestijnen verdreven dreigen te worden

Niet alleen Palestijnen, maar ook Israëliërs blijven de prijs betalen voor het zich voortslepende conflict. Dit jaar werden meer dan twintig Israëliërs gedood bij de zwaarste reeks aanslagen in jaren. Het herinnert Israël eraan dat vrede en veiligheid hier nooit gegarandeerd zijn. Iets dat jongeren ook merken als ze na de middelbare school voor een kleine twee à drie jaar in militaire dienst moeten.

En af en toe laait het altijd flakkerende vlammetje op tot een steekvlam. Zoals in mei vorig jaar, tijdens een escalatie in zowel de Palestijnse gebieden als in Israël. In gemengde steden brak hevig geweld uit tussen Joden en Arabieren.

Die gevechten tussen burgers in eigen land waren voor veel Israëliërs nog schokkender dan de zoveelste oorlog met Hamas, waarbij raketten richting Tel Aviv en Jeruzalem werden afgeschoten. Een oorlog waarbij zoals gebruikelijk de hardste klappen vielen in de Gazastrook, met meer dan 250 Palestijnse doden door Israëlische bombardementen, onder wie tientallen kinderen.

Conflict minder hoog op agenda

Tijdens die escalatie keek de hele wereld weer even naar het zo fel betwiste Heilige Land. Maar over de hele linie staat de Palestijns-Israëlische kwestie steeds minder hoog op de agenda. Israël – voorheen een verboden woord – wordt door veel Arabische landen in de armen gesloten als bondgenoot tegen de gezamenlijke vijand Iran. Het is voor Israël een geweldige diplomatieke opsteker.

En zo zat ik twee jaar geleden op de eerste vlucht van de Israëlische maatschappij El Al naar Dubai, iets wat tot voor kort onvoorstelbaar was. “Het is geweldig om als Jood en als Israëliër in een islamitisch en Arabisch land te zijn”, zei reisleider Itzik Tahari me in Dubai. “Dat had ik nooit verwacht.”

Wat blijft, is de gevoeligheid van berichtgeving uit dit gebied. Vrijwel elk onderwerp wordt gepolitiseerd, onder meer door lobbygroepen en belangenorganisaties, en reacties als ‘antisemiet’, ‘leugenaar’ of ‘vriend van de zionisten’ zijn aan de orde van de dag. Gelukkig bleek een blooper nog het meest los te maken: ik kreeg nooit zoveel berichten als toen tijdens een live-uitzending een lamp omviel.

Nu maak ik plaats voor mijn opvolger Nasrah Habiballah. Ik verlaat daarmee een gebied waar ik intussen veel bijzondere herinneringen heb liggen, waar mensen graag de deur voor je opendoen en hun verhaal willen vertellen. En het weer en het eten zijn goed, zoals ik altijd zeg als mensen me vragen naar mijn ervaringen en ik geen zin heb om het over de politiek te hebben.

En ook de culturen hebben hun mooie kanten. De Israëlische directheid, de lompheid zo je wilt, waardoor je snel weet wat je aan mensen hebt en niet veel tijd verloren gaat aan slap geouwehoer. En de Palestijnse gastvrijheid, de uitnodigingen om bij mensen thuis mee te eten of een drankje te drinken.

Hardere strijd

Maar ondanks die mooie ervaringen ben ik niet optimistischer geworden over de jaren die in het verschiet liggen. Als Israël de uiterst rechtse regering krijgt die eraan lijkt te komen, is een nog hardere opstelling te verwachten tegenover de Palestijnen, die ook nu al over weinig rechten beschikken. En ook de positie van Arabische Israëliërs, die zich veelal tweederangsburgers voelen, zal verder onder druk komen te staan.

Ook zal de strijd tussen orthodoxe en liberale Joden waarschijnlijk verder verharden. Hoe fel dat gevecht nu al gevoerd wordt, zag ik bij de Klaagmuur in Jeruzalem, waar orthodoxe Joden de dienst uitmaken. Vrouwen mogen bijvoorbeeld geen Thorarol meenemen om te bidden. Wie daartegen protesteert, wordt beschimpt en aangevallen. Opvallend in de video is de rol van de uiterst rechtse politicus Itamar Ben-Gvir, die sindsdien alleen maar populairder werd en nu minister hoopt te worden.

Vrouwen in verzet bij de Klaagmuur: ‘Israël kan vrouwen niet ontzeggen om Joods te zijn’

Ook op weg terug naar het centrum van de macht is de van omkoping en fraude verdachte oud-premier Netanyahu. Met zijn verwachte terugkeer als minister-president zijn er grote zorgen over de rechtsstaat in het land. Zijn bondgenoten hebben namelijk al gesuggereerd dat ze de macht van het hooggerechtshof willen beperken of de wet willen aanpassen om ‘koning Bibi’ buiten de greep van de rechters te houden. Netyanyahu zelf? Die spreekt al jaren van een politiek gemotiveerde heksenjacht tegen zijn persoon.

Iemand die al veel eerder de afslag richting autoritarisme heeft genomen, is de stokoude Palestijnse president Abbas. Wat zal er gebeuren als hij komt te overlijden? Krijgt een jongere generatie de kans, neemt Hamas de boel over, of breekt op de Westelijke Jordaanoever chaos uit? Of komt er een nieuwe autoritaire leider en blijft alles bij het oude? Het zijn allemaal serieuze mogelijkheden.

Meer illegale kolonisten

Een mogelijkheid die steeds minder serieus te nemen is, is de internationaal zo gekoesterde tweestatenoplossing, met naast Israël ook een levensvatbare Palestijnse staat. De laatste mislukte onderhandelingsronde vond meer dan tien jaar geleden plaats, en in de tussentijd is het aantal illegale Israëlische kolonisten in het gebied alleen maar toegenomen, en zijn de Palestijnen verder verdeeld en gemarginaliseerd geraakt. Een oplossing is steeds verder uit zicht geraakt.

Activisten pleiten soms voor een oplossing met één staat, met voor iedereen gelijke rechten, al is moeilijk voor te stellen dat dat niet op een burgeroorlog zou uitlopen. Voor westerse landen, waaronder ook Nederland, blijft het adagium: twee staten voor twee volkeren, ook al is dat inmiddels niet veel meer dan een lege kreet.

De publieke opinie in het Westen lijkt intussen langzaam iets in de richting van de Palestijnen te bewegen, en er worden vaker vraagtekens geplaatst bij het Israëlische handelen, bijvoorbeeld rondom de dood van de journaliste Shireen Abu Akleh. Of zich dat op termijn ook in buitenlands beleid laat vertalen, is de vraag.

De realiteit is er intussen een van anderhalve staat, met naast Israël de geografisch en politiek verdeelde Palestijnse gebieden. Abbas op de Westelijke Jordaanoever, Hamas in de Gazastrook. Het dagelijkse bestuur is voor de Palestijnen zelf, de uiteindelijke militaire macht ligt bij de Israëliërs, in het geval van Gaza op afstand. Het is een realiteit die de komende jaren wel eens ontzettend hardnekkig zou kunnen blijken.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Vul alstublieft uw commentaar in!
Vul hier uw naam in