Ruzie in de ruimte: Rusland eruit, Europese ruimtevaart wil minder afhankelijk zijn

De Europese ruimtevaartorganisatie ESA vindt het gezien de ontwikkelingen in Oekraïne onmogelijk om nog langer samen te werken met Rusland. De samenwerking is voor drie geplande maanverkenningsmissies opgeschort. ESA gaat nu op zoek naar andere partners.

De Russen, woedend over de sancties die sinds het begin van de oorlog in Oekraine zijn opgelegd, hadden eerder al hun raketten teruggetrokken waarmee Europa de ruimte in wilde gaan. De voorlopige uitkomst is dat er nu niet alleen peperdure Europese satellieten, maar ook een missie naar Mars niet van de grond komt. “Alsof we 30 jaar terugvallen in de tijd”, zegt astronaut André Kuipers.

De directeur-generaal van ESA, Josef Aschbacher, vreest dat de wetenschap met jaren vertraagd raakt. “En het gaat ook flink wat geld kosten. We moeten nu Europese of Amerikaanse raketten gaan bouwen en ook alle Russische onderdelen in gezamenlijke apparatuur vervangen.”

Tot nu toe werd de ruimtevaart van alle politieke ontwikkelingen gevrijwaard. Tot nu dan. Dit zijn de gevolgen:

De samenwerking met Rusland stond gepland voor de maanmissies Luna-25, Luna-26 en Luna-27. Missies bedoeld om – in samenwerking met het Russische ruimtevaartagentschap Roskosmos – instrumenten uit te testen. En in september zou een gezamenlijk missie een nieuwe rijdende robot op Mars zetten. Beide missies gaan niet door omdat ESA ze niet verenigbaar vond met de sancties tegen de Russen.

Landen die het op aarde minder goed met elkaar kunnen vinden, zoals Rusland en de VS, werken vaak in de ruimte wel goed samen. Volgens Kuipers is het internationale ruimtestation ISS, waar ook Japan, Europa en Canada in deelnemen, daar een prachtig voorbeeld van. “Met z’n allen zijn we dat ruimtestation gaan bouwen. Voor het nut van de hele wereld gebouwd door ons allen. Door landen die vroeger oorlog voerden met elkaar.”

Kuipers had gehoopt dat het ruimtestation als neutraal gebied zou blijven bestaan. Gesprekken over politiek werden ook toen hij er tien jaar geleden voor het laatst was al vermeden. “Als ik met Russische collega’s sprak en het ging richting Poetin, dan werden ze stil. Ze vermeden het gesprek. Er heerst een angstcultuur; ze zijn bang voor hun carrière, hun toekomst. Dat merk je en dan is het ook meteen genoeg. Daar hebben we het dus niet over.” Maar de vraag is of dat zo blijft. Rusland heeft al verschillende keren gedreigd de stekker eruit te trekken.

Robuuster

ESA wil nu samen met andere ruimtevaartagentschappen de afgeblazen missies oppakken. Ook is het opschorten van de samenwerking met de Russen voor ESA aanleiding om beter na te denken over de strategische onafhankelijkheid van Europa. “Ik hoef niet uit te leggen dat onafhankelijkheid tegenwoordig een nog belangrijkere betekenis heeft dan misschien twee maanden geleden. We moeten in staat zijn om op eigen kracht bijvoorbeeld satellieten in een baan om de aarde te brengen”, zegt Aschbacher.

Astronaut Kuipers heeft er veel vertrouwen in. “De westere wereld is al bezig met en commercieel ruimtetastion. We kunnen veel dingen zonder de Russen. We hebben andere raketten nodig, maar het kan wel. De vraag is wat de Russen gaan doen. Het zou heel goed kunnen dat de rol van de bemensde ruimtevaart voor Rusland voorbij is. Dan hebben ze in hun eigen vingers gesneden.”

Op de lange termijn ziet de ESA een positieve kant aan de ontwikkelingen. Aschbacher: “De Europese ruimtevaart zal robuuster, autonomer en veerkrachtiger worden. We nemen nu moeilijke beslissingen, maar op de lange termijn zullen we zeker profiteren van deze ervaring.”

Dan is er wel meer eenheid nodig, denkt Kuipers. “Bij de Amerikaanse NASA is er patriottisme. Als er in Europa een Italiaanse astronaut wordt gelanceerd, dan zijn ze in Finland niet echt onder de indruk. Daarbij blijft het worstelen om poltici duidelijk te maken hoe belangrijk ruimtevaart is. Het zou heel mooi zijn als we als Europa niet meer afhankelijk zouden zijn van andere landen.”

Vergelijkbare artikelen

Meest populair